Je baan kwijtraken, eindeloos en tevergeefs solliciteren of afgewezen worden omdat je ‘te oud’ bent. Een pijnlijk proces met grote gevolgen waar veel mensen dagelijks mee moeten dealen. Maar bij de Blauwe Paraplu kunnen deze personen terecht. Het idee? Gewoon: werken voor je geld.

De zon schijnt al fel door de Oude Fabriekstraat. Je vindt er meerdere ondernemingen, werkplaatsen en een school. Ook bevindt zich hier de thuisbasis van de Blauwe Paraplu, een sociale onderneming die mensen helpt bij het opstarten van een eigen bedrijf. Een ding hebben de startende ondernemers gemeen: ze zijn allemaal werkeloos en ontvangen een uitkering of zitten in de bijstand. Via de Blauwe Paraplu kunnen deze personen een nieuwe start maken en weer werken aan hun toekomst.

Werken: Goed voor iedereen

Een eigen bedrijf hebben, omzet maken, maar wel je uitkering behouden. Dat klinkt misschien tegenstrijdig of zelfs oneerlijk. Maar dat is niet het geval. Bert Vos legt uit: “De omzet die je maakt, wordt helemaal verdeeld. Er gaat 50% naar de Blauwe Paraplu, 30% naar de sociale dienst en 20% mag je investeren in je bedrijf.” Met deze constructie betalen de ondernemers dus zelf mee aan de uitkering die ze ontvangen, betalen ze de Blauwe Paraplu voor de hulp die de organisatie biedt en hebben ze ook nog de mogelijkheid om te groeien.

Bert Vos (61) raakte na een carrière van ruim 20 jaar in de zorg werkeloos. Hij belandde in een moeilijke en donkere periode. “Ik heb me 6 jaar lang echt ongelukkig gevoeld. Depressief zelfs. Gelukkig gaat het nu ik dit allemaal weer heb een stuk beter.” Bert kwam terecht bij de Blauwe Paraplu en heeft nu een eigen bedrijf. Daarnaast is hij actief lid van de Blauwe Paraplu en vervult hij onder andere de rol als hoofd communicatie van de organisatie. “Ik lijk misschien wel 51, maar ben gewoon 61. Waarschijnlijk blijf ik hier werken tot mijn pensioen. Dan is het ook mooi geweest.”

VLNR: Caspar Barkey, Dave Molenaar, José Heideveld, Bert Vos

Leven in schaamte

Leven van een uitkering of de bijstand is niet makkelijk. Niet alleen moet je iedere maand zien rond te komen met weinig geld, ook op persoonlijk vlak zorgt het vaak voor problemen. Schaamtegevoel, een negatief zelfbeeld en psychische klachten kunnen het gevolg zijn. Hoewel de Blauwe Paraplu zich richt op het ondernemerschap en dus niet in de eerste plaats een sociaal vangnet is, vervult het voor velen wel deels ook die rol.
José Heideveld (59) werkte haar hele leven in de maatschappelijke sector. Ook zij raakte werkeloos en na jarenlang zonder succes te hebben gesolliciteerd, heeft ze nu haar eigen onderneming weten op te bouwen met behulp van de Blauwe Paraplu. “Ik heb heel veel gesolliciteerd. Maar als 55-plusser beland je al snel op de grote stapel. Te oud, overgekwalificeerd, te duur, noem maar op. Keer op keer werd ik afgewezen. Dat doet wat met je.” Hoewel ze het goed naar haar zin heeft nu, blijft ze wel solliciteren. “Eerlijk is eerlijk, ik wil gewoon weer wat meer verdienen. Dit is een mooie oplossing en de Blauwe Paraplu heeft veel voor mij betekend, maar rondkomen van een uitkering is echt niet makkelijk. Misschien dat ik een parttime baan kan gaan combineren met parttime ondernemen.”

Op eigen benen verder

Het doel van de organisatie is altijd dat de ondernemers uiteindelijk weer echt zelf aan de slag kunnen. Of dat nu met hun eigen onderneming is of doordat ze gewoon weer een nieuwe baan vinden. Dat lukt niet iedereen, maar er zijn ook zeker mensen die nu een goedlopend eigen bedrijf hebben en weer op eigen benen kunnen staan. De Blauwe Paraplu legt hiervoor de basis: sociale contacten opdoen, een groot netwerk opbouwen en nieuwe vaardigheden leren. Om het vervolgens een succes te maken, zullen de mannen en vrouwen zelf hard moeten werken.

UwThuisChef

UwThuisChefHapjes

Cateringbedrijf

Dave Molenaar (51) is iemand die er hard voor heeft gewerkt. Hij heeft een goedlopend cateringbedrijf weten op te bouwen tijdens zijn traject bij de Blauwe Paraplu, en werkt sinds februari volledig zelfstandig. “Dat heeft niets te maken met geluk. Je moet er gewoon keihard voor werken.” Twintig jaar lang werkte hij als kok, maar door omstandigheden raakte hij zijn baan kwijt en werd hij dakloos. Vijftien jaar lang leefde hij op straat zonder inkomen of zekerheid. “Uiteindelijk heeft iemand me van de straat afgehaald. Ik moest weer gaan solliciteren, maar dat liep op niets uit. Ik was te duur.” Uiteindelijk kwam Dave via de sociale dienst bij de Blauwe Paraplu terecht. Hier presenteerde hij een goed businessplan en ging hij aan de slag om zijn leven weer op de rails te krijgen. “Ik heb er veel aan gehad. Je wordt volledig uit je comfortzone gehaald, daar leer je een hoop van.”

Wajonguitkering

Caspar Barkey (33) is de jongste van de groep. Hij heeft net als alle anderen ook zijn eigen verhaal. Als jongeman met een uitkering werd hij regelmatig raar aangekeken. “Mensen zeggen dan ‘ga toch werken, als je wilt kun je altijd iets vinden.’ Vroeger wist ik nooit goed hoe ik daarop moest reageren. Tegenwoordig laat ik ze maar lekker praten.” Hij krijgt een Wajonguitkering, waardoor zijn traject er iets anders uitziet dan dat van de anderen. “Ik heb niet dezelfde afdrachtsregeling als de mensen met een bijstandsuitkering. Ik hoef dus niet zoveel procent van mijn omzet af te staan aan de sociale dienst. Momenteel is het nog even afwachten hoe de regeling er precies uit gaat zien.” Voor hem persoonlijk vervult de Blauwe Paraplu weer een andere rol. “Ik vind het vooral fijn om hier te zijn. Mensen om me heen die mee willen denken, die ’s ochtends als je aankomt vragen hoe het gaat.”

Sociaal experiment

De Blauwe Paraplu is opgestart als sociaal experiment. Het daadwerkelijke succes van de organisatie is pas over een aantal jaar goed te zien, omdat het trajecten zijn die op de lange termijn het succes zullen uitwijzen. Maar voor Bert, José, Dave en Caspar is het in ieder geval nu al een succes.

Coen van Everdingen

Dit interview is eerder gepubliceerd in De NieuwsVallei. Een journalistiek platform en initiatief van de academie journalistiek & communicatie van de Christelijke Hogeschool Ede.